Kostenverhaal

“Vergoeding nadeelcompensatie: verhalen, afwentelen of er zelf voor opdraaien?”

16 dec 2025

In het stelsel van de “klassieke nadeelcompensatie” op grond van titel 4.5 Awb ontbreekt de mogelijkheid van kostenverhaal op initiatiefnemers. Wat zijn de mogelijkheden en risico’s op dit punt?

De schadevergoedingsovereenkomst van artikel 13.3c Omgevingswet.

De mogelijkheid voor een bestuursorgaan om een door haar te betalen schadevergoeding af te wentelen op de initiatiefnemer is, binnen het stelsel van planschade, al mogelijk sinds de invoering van artikel 6.4a Wro. In de Omgevingswet is, naast enkele andere kostenverhaalsmogelijkheden, een vergelijkbare verhaalsregeling opgenomen, namelijk in artikel 13.3c Omgevingswet. Op grond van dit artikel kunnen, naast de toegekende schadevergoeding, ook “daarmee samenhangende kosten” worden verhaald. Hoe breed deze bepaling moet worden uitgelegd, is nog niet bekend. De contouren hiervan zullen zeker in de rechtszaal worden geschetst en ingekleurd.

Afwenteling van schade bij zelfstandige nadeelcompensatie artikel 4:126 Awb?

Artikel 13.3c Omgevingswet is uitsluitend van toepassing op schadevergoedingen als bedoeld in artikel 4:126 Awb die samenhangen met artikel 15.1, eerste lid, van de Omgevingswet. Met andere woorden: een overeenkomst als bedoeld in artikel 13.3c Omgevingswet kan uitsluitend worden gesloten als het een schadeoorzaak betreft die valt onder de limitatieve opsomming van het eerste lid van artikel 15.1 Omgevingswet. Waar de schadevergoeding wordt toegekend op basis van louter artikel 4:126 Awb, ontbreekt de mogelijkheid van kostenverhaal.

Draait de overheid dan zelf op voor de schade?

Het ontbreken van een mogelijkheid van kostenverhaal kan problematisch worden, omdat artikel 4:126 Awb, zijnde de algemene codificatie van het égalitébeginsel, ook een zelfstandige grondslag c.q. entree vormt voor een beoordeling ten titel van nadeelcompensatie. Immers, naast de limitatieve opsomming van artikel 15.1 Omgevingswet zijn er nog legio (zelfstandige) schadeoorzaken te duiden die wel aangemerkt kunnen worden als een publiekrechtelijke uitoefening van een publieke taak of bevoegdheid, maar niet vallen onder de reikwijdte van de Omgevingswet. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan een veelvoud aan verkeersmaatregelen.

Nu zal in de praktijk het problematisch gehalte en daarmee een niet-gedekt financieel risico voor de overheid relatief beperkt zijn. Immers, de meeste schadeveroorzakende maatregelen waarvoor een entree tot het stelsel van nadeelcompensatie kan ontstaan, betreffen in de regel initiatieven van de overheid zelf; namelijk het uitvoeren van wegwerkzaamheden etc. Een afwentelingsmogelijkheid is voor dergelijke ingrepen niet nodig.

Geen pasklare oplossing, dus “weet waar u aan begint”.

Toch kom ik in mijn praktijk voorbeelden tegen van infrastructurele maatregelen van de overheid (gemeente, waterschap of provincie) die genomen worden op uitdrukkelijk initiatief van een derde. Aangezien het vooralsnog niet mogelijk lijkt om de eventuele nadeelcompensatievergoedingen aan derden formeel juridisch af te wentelen middels een met artikel 13.3c Omgevingswet vergelijkbare overeenkomst, en er geen pasklare oplossing lijkt te zijn voor deze problematiek, is het verstandig om de financiële risico’s vooraf zo duidelijk mogelijk in beeld te brengen en in ieder geval te betrekken bij de (interne) besluitvorming.

Immers, verhalen, afwentelen of zelf opdraaien voor nadeelcompensatievergoedingen is één ding. Geconfronteerd worden met onvoorziene financiële risico’s is iets anders. Een deugdelijke “risicoanalyse (klassieke) nadeelcompensatie” helpt u verder.

Meer weten over deze materie?! Neem dan contact op met Peter van Bragt.