Nadeelcompensatie

Nadeelcompensatie en causaal verband

20 jun 2012

Binnen het stelsel van nadeelcompensatie geldt dat de beweerdelijke nadelen moeten kunnen worden toegerekend aan de schadeoorzaak (het causale verband). Wat is de reikwijdte van dit causale verband en hoe wordt de bewijslast verdeeld tussen benadeelde en bestuursorgaan.

Jurisprudentie trivia

“Het enkele feit dat de omzet vanaf 2009 is gedaald ten opzichte van voorgaande jaren is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende om aan te nemen dat het verkeersbesluit de omzetdaling heeft veroorzaakt”.
(Rechtbank Roermond, 23 maart 2012 LJN: BW0432, Awb 11/412)

“Verder stelt de Afdeling dat niet aannemelijk is gemaakt dat er sprake is van een causaal verband tussen de wegwerkzaamheden en -omleggingen en de gestelde verminderde bereikbaarheid van de winkel, waardoor omzetschade wordt geleden”.
(ABRS 8 februari 2012, zaaknummer 201106821/1/A2)

Zomaar enkele recente overwegingen van een rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ten aanzien van de vraag of de beweerdelijk geleden nadelen in een voldoende causaal verband kunnen worden gebracht met de gestelde schadeoorza(a)k(en).
Een aantal jaar geleden overwoog de Afdeling daaromtrent ook nog het volgende:

“Hoewel aannemelijk is dat [appellant] de nieuwe tractor nog niet zou hebben gekocht indien het viaduct niet zou zijn gebouwd op de verbindingsroute die hij gebruikt om de noordkant van het tracé van de Betuweroute te bereiken, brengt dat niet met zich dat de door [appellant] gestelde schade in zodanig verband staat met de aanleg van dat viaduct dat zij de minister, mede gezien de aard van de aansprakelijkheid en van de gestelde schade, als een gevolg van deze gebeurtenis kan worden toegerekend………en de schade derhalve niet rechtstreeks is veroorzaakt door de aanleg van het viaduct, de minister terecht het standpunt heeft ingenomen dat een rechtstreeks oorzakelijk verband tussen de aanleg van het viaduct en de aankoop van de nieuwe tractor ontbreekt”.
(ABRS 13 februari 2008 200703544/1)

Het vereiste van het causale verband

Binnen het stelsel van nadeelcompensatie is vereist dat de gestelde nadelen niet alleen het normaal maatschappelijk risico van de benadeelde moeten hebben overstegen, maar ook in een voldoende hecht en causaal verband te brengen zijn met de gestelde schadeoorzaak.

Met andere woorden, de nadelen moeten direct toe te rekenen zijn aan de schadeoorzaak. Dit betekent dat onderzoek moet worden gedaan naar de aard en omvang van de schade, maar belangrijker nog naar de oorzaken van de schade.

Want, zeker in de huidige economisch onstuimige tijden, kan op voorhand zeker niet worden uitgesloten dat de door een ondernemer gestelde nadelen ook het gevolg kunnen zijn geweest van andere oorzaken dan het verkeersbesluit of de feitelijke handelingen van de overheid.

Hierbij kan worden gedacht aan brancheontwikkelingen, gewijzigde markt- of concurrentieverhoudingen, ontwikkelingen in de onderneming zelf, zowel in de zakelijke sfeer als in de privésfeer.

De verdeling en reikwijdte van het onderzoek naar het causaal verband

Gelijk aan het uitgangspunt bij het civiele recht, gaat in het overheidsaansprakelijkheidsrecht ook het uitgangspunt op dat de bewijslast in beginsel bij de “eisende partij” kan worden gelegd.
Met andere woorden, het is aan de verzoeker om aan te tonen dat de schade is toe te rekenen aan de gestelde schadeoorzaak.

De omstandigheid dat een bestuursorgaan, in het kader van een zorgvuldige besluitvorming, voor de beoordeling van een verzoek om nadeelcompensatie vaak advies vraagt bij een onafhankelijk adviseur, en dat deze adviseur in zijn advies de nodige aandacht zal schenken aan de beoordeling van het causale verband, doet in juridische zin niets af aan de verdeling van de bewijslast.

Dit betekent ook dat het niet aan het bestuursorgaan is om overtuigend (of in ieder geval redelijkerwijs) aan te tonen dat er bijvoorbeeld –geen- sprake is van een voldoende hecht en causaal verband. Het is, volgens vaste jurisprudentie aan de benadeelde om aan te tonen dat er –wel- sprake is van een causaal verband. Dit onderscheid lijkt triviaal maar speelt in een beroepsprocedure een grote rol.

Het bovenstaande betekent evenwel niet dat een bestuursorgaan maar rustig achterover kan leunen, en alle onderzoekverplichtingen bij de benadeelde kan wegleggen.Het is immers aan het bestuursorgaan om, in het kader van een zorgvuldige besluitvorming, ervoor zorg te dragen dat het besluit op een deugdelijke wijze wordt gemotiveerd. Als aan het besluit een advies van een deskundige ten grondslag ligt, is het aan het bestuursorgaan om de juistheid en volledigheid van het advies te toetsen, zodat het besluit redelijkerwijs daarop kan worden gesteund.

Vergroting draagvlak en beperking procesrisico’s

Er zal derhalve altijd een balans aanwezig zijn tussen de bewijslast die rust bij de benadeelde en de onderzoeksplicht van het bestuursorgaan.

Dit betekent dat beide partijen zich zullen moeten inspannen om de juiste (financiële) informatie boven tafel te krijgen, alsmede inzicht te krijgen in de relevante feiten en omstandigheden, die vervolgens op deskundige en zorgvuldige wijze moeten worden betrokken bij de besluitvorming/advisering.

Indien vanuit het bestuursorgaan op een juiste wijze invulling wordt gegeven aan deze verplichtingen, en ten aanzien hiervan een actieve sturing en coördinatie plaatsvindt, dan zal dat een eventueel procesrisico beperken, en belangrijker nog, in de regel bijdragen aan het draagvlak van een besluit, zowel extern als intern.

Meer weten?! Neem dan contact op met Peter van Bragt.