Grondwaarde afboeken?
Herwaardering van gemeentegrond
In 2010 hebben gemeentelijke grondbedrijven voor het eerst sinds lange tijd afgeboekt op de waarde van gronden die ze in exploitatie hebben. De verwachting is dat er de komende periode minder bouwgrond zal worden verkocht, de grondprijzen dalen en extra verliezen moeten worden genomen. Dit blijkt uit de recente update van het onderzoek “Financiële effecten crisis bij gemeentelijke grondbedrijven van september 2010” van Deloitte.
Plannen aanpassen
Dit betekent dat de gemeenten moeten bijsturen op de drie P’s: Plannen, Prijs en Programma, aldus Deloitte. Voor
Multidisciplinaire aanpak bij wijziging van spoorwegovergangen
Overwegen sluiten
Om de verkeersveiligheid te verbeteren worden veel overwegen gesloten en vervangen door een tunnel of brug (conform overheidsbeleid waaronder de Kadernota’s Railveiligheid, en het Eerste en Tweede “Programma Verbeteren Veiligheid op Overwegen” en de “Uitwerking overwegenbeleid 2010-2020” van ProRail).
Planschade- en/of nadeelcompensatierisico’s
Aangezien spoorwegen beheerd worden door ProRail en de kruisende wegen door de gemeente of provincie, dient vooraf het nodige overleg plaats te vinden, en zal ook moeten worden bezien of, en zo ja, in welke mate, de planologie gewijzigd dient te worden. Het
Verdergaande advisering van SAOZ
Personeelsbeleid: bezuinigen heeft prioriteit
In het Binnenlands Bestuur van 7 oktober 2011 is aandacht geschonken aan de omstandigheid dat veel gemeenten aan het bezuinigen zijn en dat er weinig maatregelen worden getroffen om talentvolle ambtenaren te behouden. Tijdens de door ons gegeven seminars (november en december 2011) hebben wij over dit onderwerp gesproken met diverse gasten. Gebleken is dat gemeenten de werkwijze en de omvang van diverse afdelingen kritisch tegen het licht houden.
Behouden expertise
De maatregelen van de gemeenten kunnen bestaan uit het:
Onzekerheid over uitwerkingsplannen
Uitwerkingsplannen zijn een zelfstandige grondslag voor planschade
Dit volgt direct uit de artikelen 3.6 lid 1 onder b en 6.1 lid 2 onder b Wro. Volgens de oude Wet op de Ruimtelijke Ordening waren “uitwerkingsplannen” geen zelfstandige grondslag voor vergoeding van planschade. Een uitwerkingsplan ex artikel 11 WRO, dat binnen de grenzen van de uitwerkingsregels bleef kon geen planologisch nadeel opleveren.
Onduidelijkheid over de planologische vergelijking
Wanneer een uitwerkingsplan moet worden gezien als een zelfstandige grondslag van planschade dan dient bij de beoordeling van planschade dit uitwerkingsplan
Rechtsbescherming nadeelcompensatie nu ook bij kantonrechter mogelijk
Verruimde bevoegdheden kantonrechter
Per 1 juli 2011 worden juridische geschillen waarmee een belang van maximaal € 25.000,-- is gemoeid, behandeld door de kantonrechter in plaats van voorheen de civiele sector van de arrondissementsrechtbank. Anders dan bij de civiele sector van de rechtbank geldt bij de kantonrechter geen verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat/procureur, hetgeen betekent dat de betrokken procespartijen hun standpunten zelfstandig kunnen bepleiten voor de kantonrechter. Voorts is bepaald dat de griffierechten in een kantonprocedure (veel) lager zijn dan in een civiele procedure bij de
Inbrengwaarde en de benodigde expertise
Het wettelijk kader Wro/Bro
Het begrip inbrengwaarde is geïntroduceerd met de totstandkoming van de Wro op 1 juli 2008 en de daarin opgenomen Grondexploitatiewet (Grex Afdeling 6.4 Wro). De gemeente dient in beginsel bij elke ruimtelijke maatregel ten behoeve van een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan (artikel 6.12 Wro), waarbij bijvoorbeeld tevens sprake is van een spoedige en/of gefaseerde realisatie en verhaalbare kosten van relevante omvang, een exploitatieplan vast te stellen.
(meer...)
De zelfstandige betekenis van uitwerkingsplannen in het planschaderecht
Huidige wetgeving en rechtspraak
Zowel uit artikel 6.1 Wro als uit relatief recente Afdelingsjurisprudentie (AbRS 27 april 2011, gemeente Breda, zaaknummer 201007502/1/H2) blijkt dat het daadwerkelijk uitwerken van een zogenaamd moederplan met uit te werken bestemmingen, zelfstandig kan leiden tot nadeel dat voor een planschadetegemoetkoming in aanmerking kan komen.
Onder de oude WRO kon alleen het moederplan een grondslag zijn voor een planschadevergoeding ex artikel 49 WRO, indien later binnen de uitwerkingsregels werd uitgewerkt (AbRS 1 juli 2009, gemeente Meppel, zaaknummer 200807723/1/H2). Het belangrijkste potentiële schademoment
Herijking van het beleid door afnemende vraag
Afnemende vraag naar grond
Gemeenten exploiteren bouwgrond. Deze exploitatie bestaat uit alle activiteiten die nodig zijn om onbebouwde gronden als bouwterrein te verkopen. Soms worden bestaande gebieden ook herontwikkeld en enkele gemeenten geven de gronden ook in erfpacht uit. Sinds 2008 nemen de grondverkopen af.
(meer...)
De Reikwijdte van planschadeaanvragen
Wat moet er worden beoordeeld naar aanleiding van een planschadeaanvraag?
In AbRS, 29-6-2011, Sint-Oedenrode, 201011547/1/H2, is uitgesproken dat planschade veroorzakende besluiten (planschadegrondslagen), die eerst ter zitting van de rechtbank worden aangevuld, buiten beschouwing dienen te worden gelaten in de beoordeling van de aanvraag. De Afdeling bestuursrechtspraak lijkt andermaal te bevestigen dat de redactie van de planschadeaanvraag maatgevend is voor wat er moet worden beoordeeld bij een aanvraag om tegemoetkoming in de planschade.
De jurisprudentie laat echter ook zien dat de gemeente én adviseur ook een actieve
Landelijke ketens en nadeelcompensatie
Landelijke en internationale winkelketens claimen (ook) nadeelcompensatie
Zoals wij in onze eerste nieuwsbrief reeds hebben aangegeven worden de lagere overheden in Nederland steeds vaker geconfronteerd met vragen over nadeelcompensatie en stijgt het aantal ingediende verzoeken om nadeelcompensatie gestaag.
Tot een aantal jaar geleden konden de indieners van verzoeken om nadeelcompensatie meestal worden geschaard in de categorie van de plaatselijke ondernemers; zoals de slager of bakker op de hoek, de lokale horecaondernemer of een zelfstandige benzinepomphouder.
De laatste tijd zien wij evenwel een toenemende trend dat ook landelijke